Kenmerken die we bij Tony zien

Hieronder een overzicht van de kenmerken die we bij Tony (geboren april 2023) duidelijk herkennen. Onder aan de pagina staan ook de dingen waar hij minder of geen last van heeft. Dat hoort er voor ons bij: niet alles wat bij autisme past, speelt bij hem even sterk.

Communicatie & taal

  • Non-verbaal / zeer beperkte functionele spraak — Hij kent wel letters en cijfers, maar gebruikt taal nauwelijks om behoeften aan te geven.
  • Gebruikt anderen als “tool” — Hij pakt vaak de hand van papa of mama en leidt hen naar wat hij wil (drinken, speelgoed, deur, andere ruimtes, kleding uitdoen, etc.).
  • Reageert beperkt of niet op zijn naam — Dit is al vanaf jonge leeftijd aanwezig.
  • Beperkt of geen shared attention — Hij wijst zelden iets aan om het te delen of te laten zien. Spelen doet hij ook niet écht samen; er moet constant nabijheid zijn van vader, moeder of de au pair.

Sociale interactie

  • Weinig tot geen interesse in andere kinderen — Hij speelt liever alleen of zoekt alleen vertrouwde volwassenen op. In de praktijk is hij vooral in zijn eigen bubbel, ook bij volwassenen. Alleen bij papa, mama en de au pair voelt hij zich echt veilig. Andere volwassenen, ook als hij ze al lang kent, zijn vaak al te veel.
  • Moeite met zijn broertje in dezelfde ruimte — Vanaf dag één was het lastig door de geluiden en aanwezigheid van Alec. Langer dan ongeveer 15 minuten samen is meestal te veel. We zien wel een lichte vooruitgang.
  • Overprikkeling in groepssituaties en bij visite — Groepssituaties zijn onmogelijk. Op visite gaan lukt niet. Zelfs als er visite komt (ook mensen die hij vanaf de geboorte kent), vlucht hij vaak naar buiten of trekt zich volledig terug.

Spel & interesses

  • Sterke interesse in alfabet, cijfers en kleuren — Dit is al vanaf jonge leeftijd zijn grootste interesse. Hij legt letters en cijfers zorgvuldig in de juiste volgorde.
  • Ordenen van speelgoed — Dinosaurussen, auto’s, letters en andere voorwerpen worden gerangschikt: dezelfde richting, van groot naar klein, of in de kleuren van de regenboog. Er zit altijd een duidelijke gedachte achter hoe hij ze neerzet. Hij selecteert ook bewust wat bij elkaar hoort (bijvoorbeeld alleen auto’s, alleen dieren of één specifieke soort speelgoed).
  • Boekjes bladeren — Niet zozeer het lezen, maar het bladeren zelf vindt hij leuk. Al vanaf jonge leeftijd. Nu bladert hij meerdere keren per dag door boekjes. Elke bladzijde wordt op een specifieke manier omgedraaid en de boekjes worden in een vaste volgorde gekozen.
  • Beperkt of geen fantasiespel / pretend play — Hij speelt niet op de manier die je bij veel leeftijdsgenootjes ziet

Sensorisch & regulatie

  • Hoge sensorische gevoeligheid - Vooral harde en onverwachte geluiden (scooters, brommers, motoren, deurbel, stofzuiger) zijn overweldigend. Hij verstijft of houdt zijn handen voor zijn oren.
  • Sensorisch zoeken - Hij zoekt intens sensorische input: rondjes draaien, diepe druk, handen voor ogen of oren, constant in beweging. Vroeger beet hij veel op fopspenen en speelgoed. Nu maakt hij flesenspenen kapot door erop te bijten. Ook tilt hij speelgoed vaak herhaaldelijk omhoog en omlaag.
  • Stimming / herhalende handelingen - Rondjes draaien, handbewegingen, geluiden maken of speelgoed in een vaste volgorde neerzetten. Dit helpt hem om te reguleren.
  • Meltdowns - Meerdere keren per dag kan het te veel worden. Hij raakt dan overstuur, huilt, schreeuwt of trekt zich helemaal terug.

Dagelijkse vaardigheden & lichaam

  • Nog niet zindelijk en weinig besef van nat of vies zijn.
  • Beperkt besef van eigen behoeften (dorst, honger, pijn) — Dit moet grotendeels door ons worden aangevoeld.
  • Kieskeurig eten en drinken — Drinkt vrijwel alleen in bed.
  • Lage energie / weigering om te lopen — Op slechte dagen wil hij constant opgetild worden.
  • Slaapproblemen — Moeite met inslapen en doorslapen, vaak nabijheid nodig.
  • Buik- en darmklachten — Vanaf dag één, onregelmatige stoelgang en buikpijn (vooral ’s nachts).

Overig

  • Goed geheugen — Routes, speelgoed, situaties, letters en cijfers.
  • Moeite met concepten — Tijd (“straks”), verjaardagen, “nee dat mag niet”, waarom hij ergens is.
  • Moeite met overgangen — Van de ene activiteit of plek naar de andere kost veel energie.
  • Constante 1-op-1 zorg nodig — Zonder nabije begeleiding drinkt hij bijvoorbeeld niet en raakt hij sneller overprikkeld.
  • Weinig gevaarbesef (mogelijk) — Klimmen, weglopen of situaties niet inschatten (kun je zelf beoordelen of dit klopt).

Waar Tony minder of geen last van heeft

Niet alle typische autistische kenmerken spelen even sterk bij Tony. Dit valt ons op:

  • Veranderingen in huis — Meubels verplaatsen, de kamer omgooien of spullen anders zetten maakt hem weinig uit.
  • Dagelijkse routines — Als de volgorde van de dag anders loopt, is dat meestal geen probleem.
  • Zitplaatsen — Of hij links of rechts in het kinderzitje zit, of voor of achter op de fiets, maakt hem niets uit.
  • Wisselende interesses — Hij kan een periode intens met Peppa Pig bezig zijn en daarna overstappen op dinosaurussen, auto’s of iets anders. Alleen letters, cijfers en kleurvarianten van speelgoed blijven constant terugkomen.
  • Nabijheid van vertrouwde personen — Tony heeft de constante nabijheid nodig van één van de drie vertrouwde personen: papa, mama of de au pair. Met wie precies maakt voor hem niet zoveel uit. Het liefst is hij bij mama, maar als zij werkt is het geen probleem om bij papa of de au pair te zijn. Zelfs toen de au pair twee weken vakantie had en daarna terugkwam, zagen we hier geen moeite mee.
  • Zelfbeschadigend gedrag — Hij doet zichzelf geen pijn (niet slaan, bijten, hoofd stoten of krabben).
  • Vastzitten aan dezelfde kleding — Hij hoeft niet elke dag hetzelfde shirt of dezelfde broek.
  • Dezelfde route — Een andere weg rijden of een andere volgorde van een ritje is meestal geen probleem.
  • Alleen bij één persoon kunnen zijn — Hij kan schakelen tussen papa, mama en au pair.
  • Aanraking van vertrouwde mensen — Hij wijst nabijheid en opgetild worden niet af. Hij zoekt dat juist.